Die ik

Die lacht, die praat
Die hupt, die gaat
Die doet, die groet
Die straalt in gelaat
Die is, zal zijn
Ik ben zo dan
Typisch, 't is fijn
Dat ik zo kan

De macht

Een suis van vlagen vliegt met regen
Druist de daken, spet de wegen
Fietsen zwabberen heen dan weer
Proppen stijgen, pannen neer
Stoten beuken al opzij
Toettoes wachten in een rij
Ook de trein kan niet voorbij
Fietsers bieden geen verweer
Sirenes loeien door de straten
Krachten stoeien, trams verlaten
Fietsen kletteren heen dan neer
Winden dreigen meer en meer
Lampen schijnen rarig geel
Iets dat niets is laat niets heel
Een niet geziene kracht kan veel
De wind bepaalt, de wind is heer!

Hoop

De aarde draait nog steeds

De zon gaat voor niets op
Maar gaat niet voor niets op

Wie wankelt komt verder
Dan iemand die staat

Blues

Als datgene
Wat mogelijk is
Zo gemakkelijk was
Om te bereiken
En wij mensen
Er ook nog mee om konden gaan
Dan bestond er geen blues

Uitgebroken nacht

Zwart, zwart, alles is zwart
Een enkel rood, een enkel geel
Een dubbel wit, maar nog niet veel
Soms een brom, soms een grom
Soms een stem die ik niet ken
't Is alsof ik alleen ben

Nog zucht de stad
Miauwt een kat
Flitst een licht
Als een schicht
Er stroomt een w.c.
Er ruist een t.v.
Een vrouw krijgt een wee

Dan wordt het hel
Flauwtjes nog niet fel
Enkel een schijnsel, mysterieus
De dag breekt aan maar nog niet heus
Speelt een spel
Speelt met de nacht
Nog wint de nacht
Maar het is een pracht
Om te aanschouwen
De lucht kleurt nu rood
Een man veegt de goot
De krant gaat rond
Steeds blaft een hond
Iemand ontwaakt
Maar niemand maakt
Al veel geluid

Een hoertje faket
Een ster verbleekt
Op planten ligt dauw
De hemel licht blauw
Het is nog maart
Maar het is juni waard
Ik hou van jou

Dan, hoe immens
Verschijnt er daar
Spontaan, zomaar
Onverwacht
Maar vol van pracht
Een platte schijf
De zon, hij gloeit
Een koe ver weg loeit
De mens staat op
De zon stijgt op
Zo mooi, zo groot
Zo vol, zo rood
Verdrijft alle kou

Niemand zag het
Beleefde het wonder
Want men wast, scheert, eet, kleedt
Niemand die de moeite deed
Om naar hem te turen
Naar het vuurste aller vuren
Het roodste aller roden
De grootste aller boden
De bode van de dag
Die ik alleen daar zag

Snel verkleurt hij nu
Wordt kleiner, feller, geel
Het wonder is voorbij
Hou jij ook van mij?